Boven – Header

Case-mix informatie draagt bij aan betere en goedkopere ziekenhuiszorg

Toenemende concurrentie en financiële druk dwingen ziekenhuizen om duidelijke keuzes te maken. Welke zorg bieden we wél en niet? En hoe maken we de zorg zo efficiënt mogelijk? Case-mix informatie kan daarbij helpen.

 

Er zal het nodige moeten gebeuren in de zorg om deze betaalbaar te houden. Het is een open deur, maar een eenduidig antwoord op de vraag hoe we een kwalitatief hoogwaardige zorg betaalbaar houden, bestaat niet. Een belangrijke bijdrage aan betere en goedkopere zorg biedt een case-mix informatiesysteem(CMI). Econoom Franck Asselman voerde in de periode 2006 tot 2014 een ontwerpgericht onderzoek uit naar de invoering van een CMI bij zijn werkgever AMC. Hij promoveerde dit voorjaar op dit onderwerp aan de Radboud Universiteit.

 

De doelstellingen van zijn diepgaande en langdurige studie waren:

  • Het ontwerpen en implementeren van een CMI voor het hoger (medisch) management, namelijk afdelingshoofden, divisiemanagers en Raad van Bestuur;
  • Het verkrijgen van gedetailleerde ontwerpgerichte kennis over een CMI.

 

Bij case-mix informatie gaat het om het slim combineren van medische informatie (bijvoorbeeld over diagnoses en behandelingen), patiëntgegevens (zoals leeftijd, geslacht en woonplaats) en bedrijfsinformatie over de kosten en vergoeding voor een behandeling. Dergelijke case-mix informatie wordt steeds belangrijker om de juiste beslissingen te nemen op het gebied van type en volumes van patiënten, planning, monitoring, procesoptimalisatie en legitimering.

 

Aanleiding
De aanleiding voor de studie van Asselman was het feit dat in Nederlandse (academische) ziekenhuizen weinig of geen kennis beschikbaar was over case-mix informatie. Wel was er in de literatuur te lezen over succes en mislukkingen van CMI’s in andere landen. Sommige implementaties hadden geleid tot positieve uitkomsten zoals een beter kostenbewustzijn, het rationaliseren van de operationele processen en kostenbesparingen. Maar er werden ook mislukkingen gemeld zoals machtsconflicten binnen organisaties en discussies over de betrouwbaarheid van de gegenereerde gegevens. Franck Asselman: ‘Een CMI op de juiste wijze ontwerpen en implementeren is een ingewikkeld proces. Het vraagt om een grote interne bereidheid om samen te werken en inzicht te geven. Ik vergelijk het ontwerpen en implementeren van een CMI wel eens met een kettingzaag. Dat is een eenvoudig product om te maken, maar het is allesbehalve eenvoudig om er op een verantwoorde wijze mee om te gaan. De informatie die CMI oplevert kan grote impact hebben. Als je daar radicaal mee aan de slag gaat, heeft het direct grote gevolgen.’

 

Informatieproducten
Voor het CMI van het AMC is een zogenoemde Standaardrapportage Patiëntenzorg en Portfoliomatrix ontworpen. Bij het ontwerpen van deze informatieproducten werden de patiëntgroepen van de medisch specialismen centraal gesteld. In totaal ging het om 400 patiëntgroepen die werden gedefinieerd door de afdelingshoofden in termen die aansloten bij hun klinische denkwereld. De informatie die volgens de managers minimaal in het CMI aanwezig moest zijn betrof in eerste instantie systeemgegevens zoals patiëntkenmerken, capaciteit, zorgmarkt en financiën, en niet-systeemgegevens zoals relevantie van de zorg. In een later stadium zijn hier nieuwe soorten informatie aan toegevoegd zoals type verwijzer, wachttijden, marktaandelen, omzetprognoses, budgetten en percentages topreferente zorg.

 

In de Standaardrapportage Patiëntenzorg wordt de informatie per patiëntgroep naast elkaar gepresenteerd om onderlinge vergelijkingen mogelijk te maken en om strategische alternatieven te evalueren. De Portfoliomatrix is ontworpen om snel inzicht te geven in de medische en financiële relevantie per patiëntgroep. Asselman: ‘In feite reduceer je met een CMI een ingewikkeld, complexe afdeling tot een inzichtelijke werkelijkheid. Natuurlijk zitten er haken en ogen aan en kregen we reacties als “dit is te simpel gesteld’. Belangrijk is dat we duidelijk konden maken dat het CMI geen bezuinigingsinstrument is; dat het geen manier is om afdelingen af te rekenen, maar dat het een instrument is om de financieel economische kant van een behandeling inzichtelijk te maken voor de medische wereld en andersom.

Een probleem bij het invoeren van de vereiste informatie was dat er weinig data beschikbaar was. Als je het over landelijke kwaliteitsindicatoren hebt dan hebben die betrekking op standaardaandoeningen. De informatie is vaak procesgericht, hetgeen weinig zegt over de werkelijke kwaliteit. Voor UMC’s is juist de informatie met betrekking tot complexe zorg belangrijk, daar bestaan echter geen kwaliteitsindicatoren voor.’

 

Betere keuzes maken
Case-mix informatie laat het top medisch en niet-medisch management betere keuzes maken over wie ze het beste kunnen behandelen en hoe dat moet gebeuren. Je zou zeggen dat een dergelijk informatiesysteem door alle ziekenhuizen direct omarmd wordt. Maar om verschillende redenen kan de aanpak nog onvoldoende worden benut. Een nogal opmerkelijke reden is dat ziekenhuizen rekening hebben te houden met mededingingsregels. ‘Artsen willen hun keuzes afstemmen met partners in de regio, maar dat mag niet zomaar van de mededingingsregels,’ zegt Asselman. ‘Als ze wel afspraken maken lopen ze het risico op een inval van de mededingingsautoriteit. Dat is absurd en staat haaks op waar ziekenhuizen en met name academische ziekenhuizen voor staan: samenwerken en in overleg werken aan de beste oplossingen voor patiënten.’

Maar ziekenhuizen zelf zijn er ook de oorzaak van dat case-mix informatie nog geen gemeengoed is. Medische managers hebben niet altijd de kennis om de case-mix informatie te interpreteren. Specifieke scholing is hiervoor noodzakelijk. In veel gevallen blijkt ook de kwaliteit van de informatie niet toereikend. Op dat gebied moet dus nog het nodige gebeuren.

Asselman: ‘Een struikelblok voor case-mix informatie vormen ook de onderhandelingen met verzekeraars. Een ziekenhuis weet tijdens de onderhandelingen vaak maandenlang niet waar het aan toe is. Soms wordt in oktober pas duidelijk wat je waarvoor krijgt. Het ziekenhuis kan dan tien maanden lang niet kiezen op basis van vergoeding. Dat is niet bevorderlijk voor de informatie die is vereist voor het functioneren van een CMI.’

 

Struikelblokken
Gedurende de zomer heeft Asselman met veel regelgevers, beleidsontwikkelaars en bestuurders gesproken. De belangstelling voor case-mix informatie en wat het kan betekenen voor ziekenhuizen is, ondanks genoemde struikelblokken, groot. Toch zal er nog het nodig water door de Rijn moeten alvorens case-mix informatie gemeengoed is. Asselman: ‘Elk CMI is maatwerk. Intern moet de bereidheid bestaan om over de eigen grenzen te kijken. In ziekenhuizen is men vaak nog aan eilandjes gewend, dat staat haaks op case-mix informatie. Een CMI kent zeker sterke gedragsmatige aspecten. Op het moment dat een CMI succesvol is geïmplementeerd zien we dat het kennisniveau van alle betrokkenen toeneemt en daardoor ook de besluitvorming rationeler is. Dat draagt bij aan goedkopere, maar ook betere zorg.’

 

Ervaringen delen
Voor meer informatie is door Franck Asselman een website ontwikkeld  (www.casemixinformatie.nl). Het AMC wil door middel van deze website de opgedane wetenschappelijke en praktijkkennis met betrekking tot case-mix informatie delen met andere partijen uit de zorgsector en andere geïnteresseerden. Hierbij worden gebruikers van deze site ook uitgenodigd om hun kennis en ervaringen met case-mix informatie in te sturen. Goede praktijkvoorbeelden kunnen dan ook op deze site worden geplaatst zodat er een landelijk kennisplatform ontstaat.

 

 

 

 

 

Case-mix informatie in het kort
Bij case-mix informatie worden medische, patiënt- en bedrijfsmatige gegevens per Diagnose Behandeling Combinatie (DBC) verzameld, gecombineerd, geaggregeerd en gepresenteerd. Hierdoor kunnen verschillende vragen worden beantwoord, zoals: wat zijn de kosten per diagnose? Wat is de relatie tussen leeftijd en ziekten? Wat is de financiële dekking per patiëntengroep? Case-mix informatie kan hiermee in belangrijke mate bijdragen aan de maatschappelijke opdracht van ziekenhuizen: het leveren van betaalbare zorg aan de juiste patiënten.

 

 

 

 

Over Franck Asselman
Drs. F.F. Asselman (Eindhoven, 1968) is bedrijfseconoom en werkt sinds 1999 als senior adviseur in het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam. Tussen 2006 en 2014 was hij verantwoordelijk voor het ontwerp van een case-mix informatiesysteem en verrichtte wetenschappelijk onderzoek naar dit onderwerp. Tijdens dit onderzoeksproject was hij bij diverse onderwerpen actief betrokken, zoals portfoliostrategie, planning & control, kostprijzen, bezuinigingsprogramma´s, kwaliteitsprojecten, leiderschapsprogramma’s, onderhandelingen met verzekeraars en doelmatigheidsonderzoeken. Franck werkt momenteel voor de afdeling Strategie & Beleid en is betrokken bij diverse samenwerkingen met andere ziekenhuizen. Franck is regelmatig gastdocent voor post-masters opleidingen. In 2008 heeft hij zijn boek Kostprijzen in ziekenhuizen gepubliceerd en daarnaast diverse artikelen in tijdschriften en kranten.

 

 

Fotobijschrift: Franck Asselman

Bron: FMT Gezondheidszorg

 

FMT Gezondheidszorg Nieuwsbrief

U wilt op de hoogte blijven van de technologie, wetenschap en innovatieve huisvesting in de zorg. Abonneer u daarom nu gratis op de elektronische nieuwsbrief van FMT Gezondheidszorg.
Name
Email
Secure and Spam free...